In de zomer van 1936 verrees op de boulevard van Scheveningen het Lunapark. De monumentale toegangspoort tot het park was al van verre te zien en de grootste attractie, een bergbaan uit Engeland, stak boven de duinen uit. ’s Avonds werd het park verlicht door honderden elektrische lampjes die het publiek naar binnen lokten.
Ook de zestienjarige Willem Zwart struinde op die zwoele avonden met zijn vrienden en vriendinnen over de boulevard. Samen noemden zij zich de Happiërs. Hoewel zij zeiden het ‘onchristelijke’ Lunapark te mijden, werden zij onweerstaanbaar aangetrokken door de bedrijvigheid in hun dorp dat was omgetoverd tot een mondain kuuroord voor de rijken.
Lees verder