Er is een plaats waarvan ik vermoed dat daar zijn laatste reis is begonnen. Ik ben het pad gevolgd en denk zijn verse sporen te hebben gezien. Alsof hij daar nog maar net gelopen had. Een verwarrend verlangen dreef mij voort, tot aan de laatste richel, waar ik niet verder kon en hij uit het zicht verdwenen was. Daar, op die bergtop boven de verre vlakte die hij doorkruist heeft en waar ik alleen over kon uitzien, ging ik zitten en bleef wachten. Een uur op niets. Een dag op de werkelijkheid. Een week op geloof.
Lange tochten hebben mij altijd getrokken. Ik kan het nog geen reizen noemen, daarvoor ben ik meestal te dicht bij huis gebleven, maar vaak was het ver genoeg om los te komen van het vertrouwde. Te voet lukt dat niet goed en gemotoriseerd gaat mij te snel en het voertuig heeft de neiging weer een nieuw ‘thuis’ te worden. Echt loskomen op een lange tocht doe ik het allerliefst op de fiets. In de open lucht, blootgesteld aan de zon en de wind. In de afgelopen week heb ik geprobeerd om naar Brugge te fietsen. Alleen. Dat was een grotere uitdaging dan het bereiken van de bestemming of de ruim driehonderddertig kilometer die ik heb afgelegd. Lees verder