Taal als intimiteit met God

Onlangs is in onze familie het drieëntwintigste kleinkind geboren. Gisteren stonden wij over het piepkleine meisje gebogen en ik realiseerde me dat wij naar een onwaarschijnlijk taalwonder keken. Zelf hebben wij vijf kinderen gekregen. De oudste is inmiddels veertien jaar en de jongste is al bijna door de laatste taalverwervingsfase heen, die rond het negende jaar eindigt. In de tussenliggende jaren hebben zich bij ons dus ook vijf gigantische taalwonderen voltrokken, maar ik ben mij daar nooit goed bewust van geweest.

Nu ik wat meer kennis heb van de taalverwerving kijk ik met andere ogen naar mijn kleine nichtje. In haar eerste zes maanden zal zij in staat zijn om op spraakcontrasten uit alle mogelijke talen te reageren. In de tweede helft van haar eerste levensjaar zal zij vertrouwd raken met de spraakklanken uit haar eigen taal (of eigenlijk die van haar vader en moeder) en hier een voorkeur voor ontwikkelen. Haar enorme vermogen om iedere willekeurige taal te leren, zal hierdoor weliswaar afnemen, maar daarvoor in de plaats zal zij in haar tweede levensjaar een explosieve groei in woordkennis doormaken. Per dag zal zij zes tot tien nieuwe woorden leren en onthouden. Probeer dat nu nog maar eens na te doen bij het leren van een nieuwe, vreemde taal!

Taalverwerving behoort tot het gebied van de psycholinguïstiek. Wat er precies omgaat in het hoofd van een baby is een belangrijke onderzoeksvraag voor taalkundigen. Daarbij hebben zij de theorie ontwikkeld dat kinderen nieuwe woorden leren volgens een proces van fast mapping. Met een ongelooflijke snelheid weten kinderen onbekende woorden te vergelijken met bekende woorden om zo razendsnel hun woordenschat op te bouwen. Experimenten hebben aangetoond dat de helft van de kinderen na eenmalig contact met een nieuwe woord zelfs na een week nog kennis van dit woord heeft.

liefde-gebarentaal-3636752

Mensen zijn blijkbaar geboren met een onstuitbare drang om taal te ontwikkelen en te gebruiken. Dit is bijvoorbeeld aangetoond door aandoenlijke observaties van dove kinderen. In de jaren zeventig van de twintigste eeuw was er weinig aandacht voor gebarentaal, omdat dit niet als een volwaardige taal werd gezien. In die tijd lieten sommige horende ouders hun dove kind (onbewust) in isolement opgroeien door zelf geen gebarentaal te leren. En wat bleek? Dove kinderen die in zo’n omgeving opgroeiden, ontwikkelden hun eigen gebarentaal. Zij vonden zelf woorden uit voor dezelfde dingen als horende kinderen en nog wel op hetzelfde moment als horende kinderen dat deden. Taal is een krachtige bron die vanuit ons diepste wezen een weg naar buiten zoekt.

Voor het beschrijven van de vroegste taalontwikkeling bij kinderen zijn wij aangewezen op onbewijsbare theorieën. Bewijzen hiervoor kunnen namelijk alleen geleverd worden door onethische experimenten (zoals die van de farao Psammetichus) of verschrikkelijke ervaringen van kinderen (zoals die van Genie Wilder). De ontwikkeling van deze taalverwervingstheorieën is in de loop van de vorige eeuw veranderd van een een evolutionistisch standpunt (taal is aangeleerd, geïmiteerd gedrag) tot een standpunt dat veel beter past bij het beeld dat de Bijbel van de mens geeft (taal is aangeboren en de mens is van nature in staat om taal te herkennen, te begrijpen en te gebruiken).

Psychologie, Ouweneel

uit: Psychologie, dr. Willem J. Ouweneel

Vanmiddag las ik in Knowing the Holy Spirit through the Old Testament van Chris Wright over het ademende en sprekende werk van de Heilige Geest. Ik realiseerde mij opeens dat taalontwikkeling veel meer is dan taalkundigen op hun vakgebied kunnen overzien. De Bijbel presenteert de mens vanaf het begin als een talig wezen. Alleen de mens heeft het zogenaamde spirituele zijnsaspect (een gezichtspunt dat tot ons wezen behoort), waar ook de taal bij hoort. Zo was Adam niet alleen in staat om zijn vrouw Eva mooi te vinden maar ook om taal te gebruiken en haar een naam te geven (Genesis 2:23).

Taal is eigenlijk een intieme verbinding met God. Dit lijkt verborgen te liggen in de wijze waarop de schepping van de mens is beschreven.

Toen vormde de Here God de mens uit het stof van de aardbodem en blies de levensadem in zijn neusgaten. Zo werd de mens tot een levend wezen.
Genesis 2:7

Chris Wright betoogt dat de levensadem de mens nog niet onderscheidt van de dieren (vergelijk Genesis 1:30) en dat de mens een levend wezen werd, is ook nog geen onderscheidend kenmerk (vergelijk Genesis 1:20). Maar dat God zelf zijn adem in de mens blies, is uniek. Dat spreekt van een bijzondere tedere en persoonlijke intimiteit. Onze adem is dan ook meer dan slechts de condens die op een koude wintermorgen uit onze mond komt. Dit blijkt wel uit de woorden van Elihu in het boek Job.

Voorwaar, het is de Geest van God in de stervelingen, en de adem van de Almachtige, die hen verstandig maakt.
Job 32:8

Gods adem die ons verstandig maakt. Er is dus een relatie tussen ons denken en de adem die God in ons heeft geblazen. Deze relatie blijkt nog sterker uit de woorden van Job zelf.

Voorzeker, zolang mijn adem nog in mij is, en het blazen van God in mijn neus, zullen mijn lippen geen onrecht spreken en zal mijn tong geen bedrog uiten!
Job 27:3-4

Het blazen van God dat ons doet spreken. Voor adem en Geest bestaat in het Hebreeuws hetzelfde woord. Tussen de Geest en het Woord van God bestaat vervolgens ook weer een nauwe verbinding. De Geest zweefde boven de wateren bij de schepping en tegelijkertijd schiep God door te spreken (Genesis 1:2-3). God heeft zijn Woord uitgeademd (2 Timotheüs 3:16) en uiteindelijk is Hij als het Woord mens geworden in de Zoon (Johannes 1:1-18). Kan Hij ooit nog indrukwekkender spreken dan dat Hij heeft gedaan in de Heer Jezus?

Eigenlijk heeft God Adam dus tot leven gefluisterd toen Hij hem zijn levensadem inblies. Ik heb het nog nooit zo gezien, maar dat is toch een prachtig idee! Opnieuw moet ik aan mijn kleine nichtje denken, en ook aan mijn eigen kinderen, aan mijzelf, aan ons allemaal. Ook bij ons heeft God zijn levensadem ingefluisterd. Zal mijn nichtje, met het enorme taalvermogen dat zij heeft, in staat zijn Hem nu al te verstaan? En wat zal ze dan horen? Er is geen taalkundige die dit kan ontdekken, maar ik denk dat ik het stiekem wel weet: Ik hou van jou. Wat ben je rijk als je dat nog kunt verstaan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s